ECLI:NL:RBDHA:2024:14683
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na vernietiging bestreden besluit
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de minister van Asiel en Migratie op 25 juni 2024 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen is beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 10 september 2024, samen met de hoofdzaak (zaaknummer NL24.26946). Verzoeker was niet aanwezig, de minister werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Bij uitspraak in de hoofdzaak is het bestreden besluit vernietigd en het beroep gegrond verklaard. Hierdoor is de voorlopige voorziening niet meer nodig en wordt het verzoek afgewezen. De minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 875,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter H. Hanssen-Telman en griffier M.C. Drenten-Boon, en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoeker.