Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen geïnformeerd dat een zitting niet nodig was en het onderzoek gesloten zonder zitting.
Volgens de Algemene wet bestuursrecht moet een betrokkene eerst een ingebrekestelling sturen aan het bestuursorgaan, waarna pas beroep kan worden ingesteld als na twee weken nog geen besluit is genomen. Sinds 27 januari 2023 geldt het besluit WBV 2023/3, dat de beslistermijn voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 met negen maanden verlengt. De rechtbank nam aan dat eiser zijn aanvraag op 5 maart 2023 heeft ingediend, niet op 18 februari 2023 zoals eiser stelde.
Omdat de ingebrekestelling op 22 mei 2024 werd ingediend, was de verlengde beslistermijn nog niet verstreken en was de ingebrekestelling prematuur. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarden voor beroep op grond van niet tijdig beslissen. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af.