ECLI:NL:RBDHA:2024:14972
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende aannemelijkheid van afvalligheid en vrees voor Iraanse autoriteiten
Eiser, een Iraanse nationaliteit dragende man, diende op 12 augustus 2022 een asielaanvraag in met het argument dat hij als afvallige van de islam en vanwege deelname aan demonstraties tegen het Iraanse regime vreest voor vervolging door de Iraanse autoriteiten.
De minister wees de aanvraag af omdat eiser nooit een religie heeft beleden en geen geloofsverandering heeft doorgemaakt. Zijn deelname aan protesten was gering en het is niet aannemelijk dat de Iraanse autoriteiten hiervan op de hoogte zijn of hem zullen vervolgen. Eiser heeft ook geen concrete aanwijzingen geleverd dat hij bij terugkeer anders zal handelen dan voorheen.
De rechtbank oordeelt dat de beoordeling door de minister in lijn is met de geldende werkinstructies en dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd dat hij afvallige is of dat hem vervolging te wachten staat. De deelname aan demonstraties en de omstandigheden rondom zijn werk bij de ordedienst leiden niet tot een gegronde vrees.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter Sinack op 17 september 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.