ECLI:NL:RBDHA:2024:15324
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd wegens ontbreken van voorafgaand bezwaar bij afwijzing verblijfsvergunning
Eiser heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingediend, welke door de minister van Asiel en Migratie op 7 februari 2023 is afgewezen. Tegen dit besluit heeft eiser op 1 maart 2023 bezwaar gemaakt en tegelijkertijd beroep ingesteld bij de rechtbank. De rechtbank heeft geoordeeld dat op grond van artikel 7:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) eerst het bezwaar moet worden afgewacht voordat beroep kan worden ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep van eiser daarom niet-ontvankelijk verklaard en zich onbevoegd verklaard om van het beroep kennis te nemen. Er is geen aanleiding geweest om het beroep door te zenden op grond van artikel 6:15 Awb Pro, aangezien het bezwaar al was ingediend. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 24 september 2024 door rechter J.F.I. Sinack.
Partijen is gewezen op de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak, met de optie om een zitting te verzoeken om het verzetschrift toe te lichten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep wegens het niet afwachten van de bezwaarprocedure.