ECLI:NL:RBDHA:2024:15386
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser diende een asielaanvraag in op 28 oktober 2022. Verweerder vroeg Letland om terugname van eiser op basis van de Dublinverordening, welke werd geaccepteerd. Later besloot verweerder de aanvraag in de nationale procedure te behandelen, met een beslistermijn van zes maanden vanaf 9 november 2022, dus uiterlijk 9 mei 2023.
Echter, door het besluit WBV 2022/22 van 27 september 2022 werd de beslistermijn met negen maanden verlengd, waardoor de uiterste beslisdatum op 9 februari 2024 kwam te liggen. Eiser stuurde op 1 februari 2024 een ingebrekestelling, die verweerder op 2 februari 2024 ontving. Omdat de beslistermijn nog niet was verstreken, was deze ingebrekestelling prematuur.
De rechtbank oordeelt dat daardoor niet is voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep wegens niet tijdig beslissen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier I. Abdilahi op 7 juni 2024 in Utrecht. Partijen hebben geen zitting gewenst. De uitspraak is openbaar en kan worden bestreden bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na verzending.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling prematuur was ingediend.