ECLI:NL:RBDHA:2024:15570
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen nieuwe omzettingsvergunning vereist voor extra bovenverdieping woonruimte
Eiser is eigenaar van een pand waarvoor in februari 2020 een omzettingsvergunning is verleend om zelfstandige woonruimte om te zetten in onzelfstandige woonruimte voor vijf personen. In maart 2020 is een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een extra bovenverdieping, die in september 2021 is gerealiseerd en bedoeld is voor kamerverhuur aan vijf personen.
Verweerder heeft een nieuwe omzettingsvergunning voor de extra bovenverdieping geweigerd omdat er volgens hem sprake is van onttrekking van woonruimte en omdat er meer dan acht personen zouden verblijven. Eiser stelde dat voor de nieuwe bovenverdieping geen omzettingsvergunning vereist is omdat deze nooit zelfstandige woonruimte is geweest.
De rechtbank stelt vast dat de bovenverdieping nieuw is en nooit als zelfstandige woonruimte heeft gefungeerd, waardoor geen omzetting heeft plaatsgevonden. De weigering van de omzettingsvergunning is gebaseerd op een onjuiste motivering en is daarom vernietigd. De rechtbank wijst de aanvraag af omdat geen vergunning nodig is en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Verweerder moet aan eiser een proceskostenvergoeding en het griffierecht vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter Mollen op 4 september 2024.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat geen nieuwe omzettingsvergunning vereist is voor de extra bovenverdieping.