ECLI:NL:RBDHA:2024:15972
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Bruinse - Pot
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen kennelijk ongegrondverklaring asielaanvraag en terugkeerbesluit niet-ontvankelijk verklaard
De rechtbank Den Haag heeft op 27 september 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen het besluit van 4 juli 2024 van de minister van Asiel en Migratie. Dit besluit verklaarde de asielaanvraag van eiser kennelijk ongegrond, handhaafde het opgelegde terugkeerbesluit en legde een inreisverbod van twee jaar op.
De rechtbank heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet noodzakelijk werd geacht. Uit een bericht van de minister van 25 juli 2024 bleek dat eiser op 22 juli 2024 door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers als met onbekende bestemming vertrokken (MOB) was geregistreerd. De gemachtigde van eiser gaf op 31 juli 2024 aan geen contact meer met eiser te hebben.
De rechtbank concludeerde hieruit dat eiser geen bescherming meer in Nederland zoekt en daardoor geen procesbelang meer heeft bij de beoordeling van het beroep. Om die reden verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter D. Bruinse - Pot in aanwezigheid van griffier M. Kok.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen procesbelang meer heeft.