ECLI:NL:RBDHA:2024:16039
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser heeft op 31 oktober 2023 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft niet tijdig op deze aanvraag beslist, waarop eiser een ingebrekestelling heeft ingediend op 23 juli 2024. Echter, sinds 1 januari 2023 is het besluit WBV 2023/3 van kracht, dat de beslistermijn voor asielaanvragen verlengt met negen maanden.
De rechtbank oordeelt dat de verlengde beslistermijn van toepassing is op de aanvraag van eiser, waardoor de uiterste beslisdatum op 1 februari 2025 ligt. De ingebrekestelling van 23 juli 2024 is daarom prematuur en niet rechtsgeldig. Dit betekent dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het indienen van een beroep wegens niet tijdig beslissen.
Eiser betwist de geldigheid van de verlenging van de beslistermijn, maar de rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat de verlenging terecht is toegepast. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier A.W. van Eerden.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn.