ECLI:NL:RBDHA:2024:16044
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens premature ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser heeft op 17 oktober 2023 een aanvraag tot verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Door het besluit WBV 2023/3 is de beslistermijn voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 met negen maanden verlengd. Dit betekent dat verweerder uiterlijk op 17 januari 2025 op de aanvraag moet beslissen.
Eiser stelde verweerder op 23 juli 2024 schriftelijk in gebreke wegens het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag. De rechtbank oordeelt dat deze ingebrekestelling te vroeg is ingediend, omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep op grond van niet tijdig beslissen.
Eiser betwist dat de situatie zoals bedoeld in artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 zich voordeed, maar de rechtbank volgt het standpunt van verweerder dat dit wel het geval was. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af. Er is geen zitting gehouden omdat partijen geen zitting wensten.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een te vroeg ingediende ingebrekestelling.