Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser en
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben afzonderlijk beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun asielaanvragen van 6 mei 2023. De rechtbank heeft deze zaken samenhangend behandeld omdat eisers gezinsleden zijn die gelijktijdig hun aanvragen indienden.
Verweerder heeft onderzocht of een andere EU-lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvragen op grond van de Dublinverordening. De beslistermijn vangt aan op het moment dat Nederland verantwoordelijk is, in dit geval op 11 januari 2024, na het verstrijken van de uiterste overdrachtstermijn. De beslistermijn is vervolgens verlengd met negen maanden tot 11 april 2025 op grond van de WBV 2023/3.
Eisers stelden verweerder op 28 augustus 2024 in gebreke, terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is de ingebrekestelling prematuur en het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank ziet geen reden om af te wijken van eerdere uitspraken waarin de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig werd geacht.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 2 oktober 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.