ECLI:NL:RBDHA:2024:1645
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen verlies Nederlanderschap en buiten behandeling laten paspoortaanvraag
Eiser, geboren in 1961 en van Turkse afkomst, verkreeg in 1989 de Nederlandse nationaliteit en behield zijn Turkse nationaliteit. Na verhuizing naar de Verenigde Staten in 1999 en verkrijging van de Amerikaanse nationaliteit in 2008, vroeg hij in 2020 een nieuw Nederlands paspoort aan. De IND concludeerde dat het Nederlanderschap was verloren omdat eiser meer dan tien jaar onafgebroken buiten de EU woonde en twee andere nationaliteiten bezat.
Eiser stelde dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd, en dat het verlies van het Unieburgerschap onevenredige gevolgen had, onder meer vanwege familie- en economische banden met Nederland. De rechtbank oordeelde dat het wettelijke kader duidelijk is en dat eiser verantwoordelijk was voor tijdige verlenging van zijn paspoort. Het besluit was zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd, mede op basis van een advies van de IND.
De rechtbank vond geen aanwijzingen voor een inbreuk op het recht op familieleven of economische belangen die het verlies van het Nederlanderschap onevenredig maken. Ook het wetsvoorstel tot herleving van het Nederlanderschap bood geen grond voor herziening. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het buiten behandeling laten van de paspoortaanvraag wegens verlies van het Nederlanderschap wordt ongegrond verklaard.