ECLI:NL:RBDHA:2024:16690
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning kennismigrant wegens niet-marktconform salaris
Eiser, een Iraanse nationaliteit, vroeg een verblijfsvergunning aan voor arbeid als kennismigrant bij een werkgever met een salaris van €2.714 bruto per maand. De minister vroeg het UWV om advies, dat concludeerde dat eiser niet voldeed aan de kwalificaties en het salaris niet marktconform was. De minister wees de aanvraag af en handhaafde dit besluit na bezwaar.
Eiser voerde aan dat het UWV-advies niet zorgvuldig tot stand was gekomen en dat het salaris wel marktconform was, mede gezien zijn potentie en ervaring. De rechtbank oordeelde dat het UWV-advies een deskundigenadvies is en dat de minister zich hierop mocht baseren omdat het advies inzichtelijk en concludent was. Eiser bracht geen andersluidend deskundigenadvies in.
De rechtbank stelde vast dat de minister een belangenafweging had gemaakt en dat het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde. Ook was eiser ontvankelijk omdat hij procesbelang had vanwege naturalisatieplannen. De rechtbank concludeerde dat de aanvraag terecht was afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning kennismigrant is ongegrond verklaard.