ECLI:NL:RBDHA:2024:16794
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen overdrachtsbesluit Slovenië in vreemdelingenrecht ongegrond verklaard
Eiser, met Algerijnse nationaliteit, werd op 6 augustus 2024 overgedragen aan Slovenië op grond van een overdrachtsbesluit. Eiser had in augustus 2020 een eerdere asielaanvraag gedaan die niet in behandeling werd genomen omdat Slovenië verantwoordelijk was. In juli 2024 werd eiser in Nederland aangehouden en gedetineerd.
Eiser stelde dat hij ten onrechte niet was gehoord voorafgaand aan het overdrachtsbesluit en dat het besluit in strijd was met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 van Pro het Handvest omdat hij asiel wilde aanvragen. De rechtbank oordeelde dat eiser op het moment van het besluit geen asielaanvraag had ingediend, waardoor verweerder niet hoefde te toetsen aan deze artikelen en ook niet hoefde te horen over bezwaren.
De rechtbank stelde vast dat het feit dat eiser in detentie zat een tijdelijk feitelijk beletsel was dat de rechtmatigheid van het besluit niet aantastte. Eiser heeft zijn asielaanvraag inmiddels ingetrokken en wil terugkeren naar Algerije. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen het overdrachtsbesluit aan Slovenië ongegrond.