Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen op grond van de Dublinverordening, waarbij Kroatië als verantwoordelijke lidstaat is aangewezen. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen omdat de hoofdzaak (zaaknummer NL24.34852) reeds is behandeld en uitspraak is gedaan. Hierdoor is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is zonder zitting gedaan op basis van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.