ECLI:NL:RBDHA:2024:1793
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening wegens verantwoordelijkheid België
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw met twee minderjarige kinderen, diende een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van de Dublinverordening, omdat België verantwoordelijk is voor de behandeling van haar aanvraag. Eiseres voerde aan dat België kampt met opvangtekorten en dat haar gezin vanwege kwetsbaarheid niet zonder opvang kan worden overgedragen.
De rechtbank oordeelde dat België een claimakkoord heeft gesloten en zich verplicht tot beoordeling van de aanvraag binnen de geldende verdragsverplichtingen, inclusief het verbod op refoulement. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, en eiseres kon niet aannemelijk maken dat België haar verplichtingen niet nakomt. Hoewel de opvang onder druk staat, is er voor kwetsbare groepen, waaronder gezinnen met minderjarige kinderen, voorrang en gegarandeerde opvang.
De rechtbank verwierp de stelling dat de Dublinverordening integraal niet meer geldig zou zijn en dat de staatssecretaris de aanvraag aan zich had moeten trekken. De door eiseres aangehaalde jurisprudentie betrof andere categorieën asielzoekers en was niet van toepassing. Het beroep werd ongegrond verklaard, waarmee het besluit van de staatssecretaris in stand bleef.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.