ECLI:NL:RBDHA:2024:17944
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk
Eiser, met de Ghanese nationaliteit, diende op 14 juni 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling. Dit volgt uit een eerdere asielaanvraag van eiser in Frankrijk op 24 mei 2022 en de acceptatie van een terugnameverzoek door Frankrijk op 25 juli 2024.
Eiser voerde aan dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was en dat verweerder niet op zijn bijzondere individuele omstandigheden was ingegaan. De rechtbank oordeelde echter dat het besluit voldoende was gemotiveerd, mede gelet op het interstatelijk vertrouwensbeginsel tussen Nederland en Frankrijk. Eiser heeft geen zienswijze ingediend naar aanleiding van het voornemen.
Hoewel eiser verklaarde niet terug te willen naar Frankrijk vanwege eerdere onjuiste gegevens in zijn Franse asielprocedure, achtte de rechtbank dit geen bijzondere omstandigheid die terugkeer zou verhinderen. Er waren geen andere bijzondere persoonlijke omstandigheden gebleken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.