ECLI:NL:RBDHA:2024:18815
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek overbrenging Afghan Security Guard naar Nederland bevestigd
Eiser, een Afghaanse bewaker die voor de Nederlandse strijdkrachten werkte, verzocht op 2 december 2022 om overbrenging naar Nederland. Dit verzoek werd afgewezen omdat hij niet behoorde tot de groepen die in de Kamerbrief van 11 oktober 2021 zijn genoemd en niet was opgenomen in de bij Defensie bekende afgebakende groep.
Eiser stelde dat het zorgvuldigheidsbeginsel werd geschonden door te eisen dat hij zelf een verzoek moest indienen, terwijl Defensie beschikte over gegevens van ASG-bewakers. Ook wees hij op de schrijnende situatie waarin hij en zijn gezin zich bevinden in Iran en het gevaar bij terugkeer naar Afghanistan.
De rechtbank oordeelde dat het kabinet beleidsvrijheid heeft bij het vaststellen van criteria voor overbrenging en dat het beleid niet in strijd is met fundamentele rechten of het evenredigheidsbeginsel. Het verzoek van eiser werd terecht afgewezen omdat hij zich na de vastgestelde datum had gemeld en niet binnen de speciale voorziening viel.
Verder werd geoordeeld dat de hoorplicht niet was geschonden en dat de politieke discussie over de situatie van ASG-bewakers geen aanleiding gaf tot aanhouding van de zaak. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn verzoek om overbrenging naar Nederland wordt ongegrond verklaard.