Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag van 24 januari 2024 om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid in het kader van nareis.
De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld en het verzoek om vrijstelling van griffierecht toegekend. De minister heeft de beslistermijn van 90 dagen met drie maanden verlengd, maar deze termijn is inmiddels verstreken. Eisers hebben de minister rechtsgeldig in gebreke gesteld en sindsdien zijn meer dan twee weken verstreken.
De rechtbank volgt het fifo-principe zoals eerder vastgesteld en legt een nieuwe beslistermijn tot uiterlijk 29 september 2025 op. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd voor overschrijding van deze termijn. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442. De minister wordt veroordeeld in de proceskosten van eisers ter hoogte van €437,50.
Deze uitspraak benadrukt het belang van tijdige besluitvorming door de overheid en de rechtsbescherming van aanvragers in het vreemdelingenrecht.