Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
(gemachtigde: [gemachtigde] ).
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 6 februari 2023 een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis voor zijn familieleden. Na het uitblijven van een besluit stelde eiser verweerder in gebreke en startte hij meerdere keren beroep wegens niet tijdig beslissen. De rechtbank heeft eerder een termijn van twintig weken gesteld waarbinnen verweerder moest beslissen, met een dwangsom van € 100 per dag.
Verweerder heeft de aanvraag nog niet beoordeeld en gaf aan te kampen met achterstanden door een hoog aantal asielaanvragen. De rechtbank oordeelt dat de eerder opgelegde dwangsom onvoldoende prikkel vormde en stelt een nieuwe beslistermijn van twee weken met een hogere dwangsom van € 200 per dag, maximaal € 15.000.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier N.F. Kreeftmeijer en is geanonimiseerd gepubliceerd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen twee weken een besluit te nemen onder oplegging van een dwangsom.