ECLI:NL:RBDHA:2024:2020
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens vertrek vreemdeling
Eiseres diende op 24 juni 2023 een asielaanvraag in, die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling werd genomen omdat België verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening. De staatssecretaris deed een verzoek tot terugname bij België, dat op 18 augustus 2023 werd geaccepteerd.
Op 29 januari 2024 meldde de staatssecretaris dat eiseres met onbekende bestemming was vertrokken, nadat zij sinds 26 januari 2024 zelfstandig haar woonruimte had verlaten. De gemachtigde van eiseres gaf voorafgaand aan de zitting aan geen contact meer te hebben met eiseres, die zelf niet op de zitting verscheen.
De rechtbank oordeelde dat door het vertrek met onbekende bestemming en het ontbreken van contact met de gemachtigde, eiseres geen prijs meer stelt op internationale bescherming in Nederland. Hierdoor ontbreekt het procesbelang voor een inhoudelijke behandeling van het beroep, dat daarom niet-ontvankelijk werd verklaard. Het bestreden besluit blijft in stand en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.