ECLI:NL:RBDHA:2024:20713
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen bestuurlijke dwangsommen bij asielaanvraag
Eiser stelde op 16 februari 2022 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 7 juli 2021. Op 11 mei 2022 werd de asielaanvraag alsnog ingewilligd, waardoor het beroep voor zover gericht op het niet tijdig beslissen geen procesbelang meer had. Eiser handhaafde het beroep met betrekking tot de vraag of verweerder bestuurlijke dwangsommen had verbeurd.
De rechtbank overwoog dat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND uitsluit dat bestuursdwangsommen worden toegepast op besluiten op asielaanvragen. Dit betekent dat verweerder geen bestuurlijke dwangsommen kan verbeuren. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bevestigd dat deze wet niet in strijd is met het Unierecht.
Daarom ontbrak het eiser aan procesbelang om het beroep voort te zetten en werd het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank veroordeelde verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten van € 437,50, omdat het beroep was ingesteld vanwege het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van € 437,50.