ECLI:NL:RBDHA:2024:20749
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering Wajong-uitkering wegens niet doorgegeven arbeidsinkomsten
Eiser ontvangt sinds 2018 een Wajong-uitkering en heeft in de periode van 14 augustus tot 5 november 2023 inkomsten uit arbeid gehad die hij niet aan het Uwv heeft doorgegeven. Het Uwv heeft daarop een terugvordering van €1.685,59 ingesteld en het bezwaar van eiser afgewezen. Eiser stelde dat hij niet bestraft moet worden omdat hij ondanks zijn beperkingen probeerde te werken en vroeg om coulance.
De rechtbank stelt vast dat eiser zijn inlichtingenplicht heeft geschonden door de inkomsten niet te melden. Er is geen sprake van dringende redenen om af te zien van terugvordering of het bedrag te verlagen, ook al is het termijnbedrag verlaagd naar €75 per maand. De rechtbank weegt mee dat het Uwv rekening heeft gehouden met de situatie van eiser.
De rechtbank concludeert dat de terugvordering rechtmatig is en wijst het beroep af. Eiser krijgt het betaalde griffierecht niet terug. De uitspraak is gedaan door rechter Bannink op 9 december 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van teveel ontvangen Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard.