Uitspraak
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Somalische jongvolwassene, vroeg asiel aan met het verhaal dat hij door Al-Shabaab was gerekruteerd en mishandeld. De minister wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid en gebrek aan bewijs, mede gesteund op het ambtsbericht dat Al-Shabaab niet effectief de controle had in zijn woongebied.
De rechtbank bevestigt dat het asielrelaas niet aannemelijk is, onder meer vanwege tegenstrijdigheden en het ontbreken van documenten. Ook acht zij het risico op ernstige schade bij terugkeer niet aannemelijk gemaakt.
Wel oordeelt de rechtbank dat de minister onvoldoende voortvarend is geweest in het onderzoek naar adequate opvang tijdens eisers minderjarigheid, wat een schending van het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel inhoudt.
De rechtbank stelt de minister in de gelegenheid binnen zes weken het gebrek te herstellen door nader te motiveren en onderzoek te verrichten, waarna de zaak verder wordt behandeld. Tot die tijd worden verdere beslissingen aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas, maar wijst op een motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek in het onderzoek naar adequate opvang en geeft de minister zes weken om dit te herstellen.