Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek op de terechtzitting
- de conclusie van eis van de officier van justitie van 21 november 2023;
- de conclusie van antwoord van de zijde van de verdediging van 10 januari 2024;
- de conclusie van repliek van de officier van justitie van 30 juli 2024;
- de conclusie van dupliek van de zijde van de verdediging van 22 september 2024.
2.De vordering
3.De beoordeling
zijndeeen middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1 lid 4 van Pro de Opiumwet en/of
dezeinvoer méér dan € 3.500.000,-- is betaald aan douaniers. De kosten voor het omkopen van douaniers komen daarmee uit op een bedrag van (3.500.000 gedeeld door 4.600 kilogram =) € 760,87 per kilogram cocaïne.
€ 3.639,13 +
4.Het toepasselijke wetsartikel
5.De beslissing
€ 19.082.395,--(ZEGGE: NEGENTIEN MILJOEN TWEEËNTACHTIGDUIZEND DRIEHONDERDVIJFENNEGENTIG EURO);
€ 19.082.395,--(ZEGGE: NEGENTIEN MILJOEN TWEEËNTACHTIGDUIZEND DRIEHONDERDVIJFENNEGENTIG EURO); aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;
1080 (DUIZENDTACHTIG)dagen.