ECLI:NL:RBDHA:2024:2224
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag bpm en vergoeding immateriële schade wegens termijnoverschrijding
Eiseres heeft een naheffingsaanslag bpm opgelegd gekregen na registratie van een Mercedes-Benz A-klasse, waarbij de handelsinkoopwaarde en CO2-uitstoot centraal stonden. De naheffingsaanslag werd gehandhaafd ondanks bezwaar, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag te hoog is vastgesteld en vermindert deze met 15% op grond van de markt- en dealersituatie, conform het arrest van de Hoge Raad van 22 december 2023. Een verdere vermindering of vernietiging is niet gerechtvaardigd. De hoorplicht is niet geschonden omdat eiseres meerdere hoorgesprekken afzegde en voldoende gelegenheid tot horen is geboden.
Verder kent de rechtbank eiseres een vergoeding toe van € 1.000 voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van ruim 8 maanden. De proceskosten worden vastgesteld op € 2.060 en het betaalde griffierecht wordt vergoed. De Staat en verweerder worden veroordeeld tot betaling van de vergoedingen op een bankrekening van eiseres.
Het beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd en de naheffingsaanslag verminderd tot € 1.150. De rechtbank wijst prejudiciële vragen af en bevestigt dat het Unierechtelijk verdedigingsbeginsel niet verder strekt dan het recht om opmerkingen kenbaar te maken voorafgaand aan naheffing.
Uitkomst: De naheffingsaanslag bpm wordt verminderd tot € 1.150 en eiseres krijgt vergoeding immateriële schade en proceskosten toegekend.