ECLI:NL:RBDHA:2024:22620
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing urgentieverklaring wegens onvoldoende urgent huisvestingsprobleem
Eiseres verzocht om een urgentieverklaring vanwege een onveilige en ongeschikte woonsituatie voor haar en haar baby, mede veroorzaakt door huiselijk geweld en de slechte staat van een woning die haar vader voor haar had gekocht.
Verweerder wees de aanvraag af op grond van meerdere algemene weigeringsgronden uit de Huisvestingsverordening Den Haag 2023, waaronder het ontbreken van een urgent huisvestingsprobleem en het feit dat het probleem redelijkerwijs op andere wijze kan worden opgelost. De rechtbank oordeelt dat verweerder deze gronden terecht heeft toegepast en dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de woning onveilig is.
De rechtbank benadrukt de beoordelingsruimte van verweerder en toetst terughoudend. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat de situatie van eiseres niet uitzonderlijk of schrijnend genoeg is, mede gezien het tekort aan sociale huurwoningen en het feit dat eiseres tijdelijk bij haar oma verblijft.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen urgentieverklaring of proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter A.M. de Wit op 5 december 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.