ECLI:NL:RBDHA:2024:2277
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen verrekening proceskosten met toeslagvordering UWV
Eiseres ontvangt sinds 2012 een WIA-uitkering en toeslag op grond van de Toeslagenwet. In 2018 beëindigde UWV haar WIA-uitkering en vorderde een bedrag van te veel betaalde toeslag terug. Na een beroepsprocedure werd de WIA-uitkering opnieuw toegekend en werd UWV in de proceskosten veroordeeld.
UWV verrekende vervolgens bij een besluit van december 2022 de proceskosten en griffierecht van €808 met de openstaande toeslagvordering van €3.468,94. Eiseres ging in bezwaar tegen deze verrekening, stellende dat zij vanwege haar financiële situatie en schulden onder bewind staat en dat er dringende redenen zijn om af te zien van verrekening.
De rechtbank oordeelt dat het besluit tot terugvordering in rechte vaststaat en dat UWV op grond van de Toeslagenwet bevoegd is tot verrekening van kosten met de toeslagvordering. De rechtbank ziet geen dringende redenen om af te zien van verrekening, mede omdat eiseres er niet op achteruitgaat door de verrekening.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst zij het verzoek tot vergoeding van proceskosten af. De uitspraak is gedaan door rechter C.G. Meeder op 9 februari 2024.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de verrekening van proceskosten met de toeslagvordering door UWV wordt ongegrond verklaard.