Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: M.H.S. Volker).
Procesverloop
Overwegingen
Bewaringsgronden
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, werd op 8 november 2024 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat de minister niet voldeed aan de informatieplicht uit artikel 5.3 van het Vreemdelingenbesluit, omdat hij niet schriftelijk in een begrijpelijke taal werd geïnformeerd over de gronden van de bewaring en zijn rechtsmiddelen. De rechtbank erkent deze tekortkoming, maar weegt dit af tegen het belang van de maatregel en concludeert dat eiser niet in zijn belangen is geschaad.
Eiser voerde verder aan dat de maatregel onevenredig bezwarend was en dat een lichter middel had moeten worden toegepast. De rechtbank oordeelt dat de minister voldoende heeft gemotiveerd waarom een lichter middel niet volstaat, mede vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht onttrekt en zijn eerdere asielaanvragen en terugkeerbesluiten. De psychische gevolgen zijn onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank toetst ambtshalve de rechtmatigheid van de bewaring en concludeert dat deze niet onrechtmatig was tot het moment van het sluiten van het onderzoek. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.