ECLI:NL:RBDHA:2024:23166
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op Woo-verzoek over OMT-vergaderingen
Eiser verzocht op 28 januari 2024 op grond van de Wet open overheid (Woo) om openbaarmaking van documenten met betrekking tot vergoedingen aan OMT-leden, waaronder reiskosten bij online vergaderingen. Verweerder bevestigde ontvangst en verlengde de beslistermijn, maar besloot niet tijdig op het verzoek.
Eiser vulde zijn verzoek aan en stelde verweerder in gebreke. Na het instellen van beroep bevestigde verweerder het niet tijdig beslissen en verzocht om een verlenging tot 31 december 2024 vanwege de omvang en complexiteit van de documenten en personeelsgebrek.
De rechtbank oordeelde dat de gevraagde termijn te lang was en stelde een redelijke termijn tot uiterlijk 20 september 2024. Tevens legde zij een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 bij overschrijding. Verweerder moet ook het griffierecht aan eiser vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter G.P. Kleijn op 18 juli 2024 zonder zitting. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het beroep is gegrond verklaard en het niet tijdig beslissen vernietigd.
Uitkomst: Verweerder moet uiterlijk 20 september 2024 beslissen op het Woo-verzoek en verbeurt een dwangsom bij overschrijding.