ECLI:NL:RBDHA:2024:23212
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen gevraagd of een zitting nodig was, maar omdat geen van beide partijen hierom verzocht, is het onderzoek gesloten zonder zitting.
Volgens de wet moet een betrokkene eerst een ingebrekestelling sturen voordat beroep kan worden ingesteld wegens niet tijdig beslissen. Sinds 27 januari 2023 geldt het besluit WBV 2023/3, dat de beslistermijn voor asielaanvragen die tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 zijn ingediend met negen maanden verlengt.
Eiser betwist dat deze verlenging van toepassing is en stelt dat de ingebrekestelling niet prematuur was. De rechtbank volgt dit niet en verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat de verlenging terecht is toegepast. Omdat de aanvraag van eiser op 27 december 2023 is ingediend, valt deze onder de verlengde beslistermijn tot 27 maart 2025. De ingebrekestelling van 17 juli 2024 was dus te vroeg, waardoor niet is voldaan aan de voorwaarden voor ontvankelijkheid van het beroep.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.