Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
- verzoekers, p/a hun gemachtigde;
- de rechter.
Rechtbank Den Haag
Verzoekers hebben een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. C.I.H. Kerstens-Fockens, rechter in de rechtbank Den Haag, omdat hun gemachtigde meende dat de rechter vooringenomen was door het afwijzen van twee uitstelverzoeken voor een zitting. De zitting betrof zeven afzonderlijke bestuursrechtelijke zaken tegen beslissingen van de directeur gemeentebelastingen van de gemeente Den Haag.
De wrakingskamer overwoog dat een rechter alleen gewraakt kan worden bij objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid, wat alleen bij bijzondere omstandigheden kan worden aangenomen. Het afwijzen van een uitstelverzoek is een procedurele beslissing en vormt geen grond voor wraking. De motivering van de rechter was niet zodanig dat deze als blijk van vooringenomenheid kon worden gezien, mede gelet op het grote aantal opgegeven verhinderdagen.
Daarom verklaarde de wrakingskamer het wrakingsverzoek kennelijk ongegrond en wees het af. De behandeling van de onderliggende procedures wordt voortgezet in de stand waarin zij zich bevonden ten tijde van het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens gebrek aan objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.