ECLI:NL:RBDHA:2024:239
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen weigering kennisneming AIVD-gegevens op grond van Wiv
Eiser verzocht de minister van Binnenlandse Zaken om kennisneming van diverse gegevens die bij de AIVD aanwezig zouden zijn, waaronder informatie over bepaalde panden, politieke partijen en spionageactiviteiten. De minister wees de verzoeken aanvankelijk af wegens vermeend misbruik, maar besloot later gedeeltelijk inzage te verlenen, met uitzondering van persoonsgegevens en actuele werkwijzen die de nationale veiligheid kunnen schaden.
Eiser stelde dat het weigeren van hele documenten onterecht was en dat hij niet geïnteresseerd was in persoonsgegevens of bronidentiteiten. De rechtbank oordeelde dat de minister voldoende had gemotiveerd waarom bepaalde documenten geheel of gedeeltelijk geweigerd zijn, mede gelet op de noodzaak tot geheimhouding voor het functioneren van de AIVD.
De rechtbank overwoog verder dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er meer niet-actuele gegevens aanwezig waren dan verstrekt, en dat de Wiv niet ziet op het verstrekken van beweegredenen van de AIVD. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot weigering van kennisneming van AIVD-gegevens wordt ongegrond verklaard.