ECLI:NL:RBDHA:2024:2691

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 maart 2024
Publicatiedatum
1 maart 2024
Zaaknummer
NL23.40521
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 56 Vreemdelingenwet 2000
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel Vreemdelingenwet

Eiser heeft op 21 december 2023 beroep ingesteld tegen een vermeende vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 56 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De staatssecretaris heeft echter op die datum geen dergelijke maatregel aan eiser opgelegd. Tijdens de zitting op 2 februari 2024, waarbij eiser niet aanwezig was maar zijn gemachtigde wel, heeft de rechtbank het onderzoek gesloten. De rechtbank oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard omdat het beroep gericht is tegen een maatregel die niet is genomen.

De zaak betreft een bestuursrechtelijk geschil binnen het vreemdelingenrecht. Naast dit beroep waren er ook procedures tegen een mededeling van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers en een verzoek om een voorlopige voorziening, die samen met dit beroep zijn behandeld. De rechtbank concludeert dat het ontbreken van een opgelegde maatregel het beroep fataal is.

De uitspraak is gedaan door rechter M. Munsterman en griffier Z.P. de Wilde en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat geen vrijheidsbeperkende maatregel is opgelegd.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.40521

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

geboren op [geboortedatum],
van Algerijnse nationaliteit,
V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: I.M. Zuidhoek),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris,

(gemachtigde: mr. F. Sepmeijer).

Procesverloop

Op 21 december 2023 heeft eiser beroep ingesteld tegen een niet opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel zoals bedoeld in artikel 56 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep, tezamen met het beroep tegen de mededeling van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (geregistreerd onder het zaaknummer AWB 24/7) en het verzoek een voorlopige voorziening te treffen (geregistreerd onder het zaaknummer AWB 24/1067), op 2 februari 2024 op zitting behandeld. Eiser is niet verschenen, zijn gemachtigde wel. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.

Overwegingen

1. De rechtbank stelt vast dat eiser beroep heeft ingesteld tegen een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 56 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 van – zoals in het beroepschrift staat vermeld – 21 december 2023. De staatssecretaris heeft op 21 december 2023 echter geen maatregel als bedoeld in artikel 56 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 aan eiser opgelegd. Eisers beroep dat geregistreerd staat onder NL23.40521 zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Munsterman, rechter, in aanwezigheid van Z.P. de Wilde, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.