Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, werd op 25 december 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat zijn rechten waren geschonden omdat hij geen schriftelijke vertaling van de maatregel had ontvangen. De rechtbank oordeelde dat ondanks een gebrek in de schriftelijke informatieplicht, eiser vooraf met behulp van een tolk in het Arabisch was geïnformeerd over de redenen van de bewaring en dat hij kosteloze rechtsbijstand ontving.
De staatssecretaris had als zware gronden voor bewaring genoemd dat eiser Nederland niet op de voorgeschreven wijze was binnengekomen, zich aan toezicht had onttrokken en onjuiste gegevens had verstrekt. Eiser betwistte deze gronden niet. De rechtbank vond de motivering van de maatregel voldoende.
Eiser voerde aan dat er geen zicht was op uitzetting naar Algerije, mede omdat hij alleen een militaire identiteitskaart had. De rechtbank stelde vast dat er concrete aanknopingspunten zijn voor zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn, mede door een lopend laissez-passer traject en recente uitzettingen naar Algerije.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig was en verklaarde het beroep ongegrond. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.