ECLI:NL:RBDHA:2024:292
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ingetrokken Dublin-besluit in asielprocedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel, omdat Oostenrijk volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk zou zijn. Verweerder trok het bestreden besluit op 26 oktober 2023 in vanwege het verstrijken van de overdrachtstermijn en nam de aanvraag in behandeling.
De rechtbank overweegt dat intrekking van het besluit niet aan vernietiging in de weg staat indien eiser belang heeft. De gemachtigde van eiser reageerde niet op verzoeken om het beroep in te trekken, waardoor de rechtbank het beroep alsnog moet beoordelen. Uit de stukken blijkt echter dat eiser geen belang meer heeft bij behandeling van het beroep, omdat het besluit is ingetrokken.
De rechtbank verklaart het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend, aangezien het intrekken van het besluit een veranderende omstandigheid betreft die niet leidt tot tegemoetkoming in proceskosten.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 15 januari 2024.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.