ECLI:NL:RBDHA:2024:376
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverantwoordelijkheid Frankrijk
Eiseres, een Somalische asielzoekster, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in Nederland. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van haar asielverzoek op grond van het Dublinverdrag.
Eiseres voerde aan dat het voornemen om haar aanvraag niet in behandeling te nemen prematuur en onzorgvuldig was en dat zij vanwege medische problemen in Frankrijk niet adequaat behandeld kan worden. Tevens stelde zij dat de opvangomstandigheden in Frankrijk slecht zijn, wat een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro EU zou betekenen.
De rechtbank oordeelde dat het voornemen een voorbereidingshandeling is en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij Nederland mag vertrouwen op de naleving van verplichtingen door Frankrijk. Eiseres slaagde er niet in aannemelijk te maken dat zij een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met genoemde mensenrechten. De medische klachten waren onvoldoende onderbouwd om de overdracht te weigeren.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep kennelijk ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard.