Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Syrische vrouw met drie minderjarige kinderen, diende een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens artikel 18 van Pro de Dublinverordening. Uit Eurodac-gegevens blijkt dat eiseres op 29 september 2023 in Duitsland een asielaanvraag heeft ingediend.
Eiseres betwist deze verantwoordelijkheid en stelt dat zij haar vingerafdrukken uit angst heeft afgestaan, dat zij in Duitsland racistisch en discriminerend is behandeld, en dat zij onvoldoende opvang en informatie heeft ontvangen. Zij beroept zich op artikel 17 van Pro de Dublinverordening om de aanvraag in Nederland te laten behandelen vanwege haar persoonlijke omstandigheden en familiebanden.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht mag vertrouwen op de Duitse autoriteiten en het interstatelijk vertrouwensbeginsel. De stellingen van eiseres zijn onvoldoende onderbouwd en maken niet aannemelijk dat Duitsland zijn verplichtingen niet nakomt. Ook de persoonlijke omstandigheden en familiebanden zijn niet bijzonder genoeg om Nederland verantwoordelijk te laten zijn.
De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak benadrukt dat eiseres in Duitsland kan klagen over eventuele problemen na overdracht.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat Nederland de asielaanvraag terecht niet in behandeling heeft genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is.