ECLI:NL:RBDHA:2024:3898
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen plaatsing in Handhaving- en Toezichtlocatie en vrijheidsbeperkende maatregel
Eiser is geplaatst in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) te Hoogeveen na het opzettelijk stichten van brand op een COA-locatie, wat de veiligheid van vele bewoners in gevaar bracht. De rechtbank gaat uit van de feiten zoals vastgesteld in het bestreden besluit en constateert dat eiser precies 13 weken in de HTL heeft verbleven.
Eiser voerde aan dat de plaatsing in strijd is met artikelen 3, 5 en 8 EVRM, met name vanwege de vermeende onrechtmatige vrijheidsontneming, het risico op willekeurig geweld en de beperkingen op zijn privéleven. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 16 februari 2024 waarin is geoordeeld dat plaatsing in de HTL geen vrijheidsontneming inhoudt zolang de mogelijkheid bestaat om de HTL voortijdig te verlaten.
De rechtbank oordeelt dat de plaatsing en de vrijheidsbeperkende maatregel voldoende zijn gemotiveerd en dat er geen sprake is van contra-indicaties. Ook acht de rechtbank het beroep op het ontbreken van een onafhankelijke klachtencommissie en het cameratoezicht onvoldoende om de plaatsing onrechtmatig te verklaren.
De beroepen worden ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. Tegen het besluit tot plaatsing kan hoger beroep worden ingesteld, tegen de vrijheidsbeperkende maatregel niet.
Uitkomst: De beroepen tegen de plaatsing in de HTL en de vrijheidsbeperkende maatregel worden ongegrond verklaard.