ECLI:NL:RBDHA:2024:4018
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Kameroense vreemdeling wegens binnenlands beschermingsalternatief
Eiser, van Kameroense nationaliteit, vroeg asiel aan wegens bedreigingen vanwege de politieke activiteiten van zijn vader, een burgemeester en oppositiepoliticus. De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, stellende dat eiser onvoldoende bewijs leverde voor zijn verhaal en dat er een binnenlands beschermingsalternatief bestond in de steden Yaoundé, Douala en Bafoussam.
De rechtbank behandelde het beroep en stelde vast dat eiser onvoldoende had onderbouwd welke concrete problemen hij had ondervonden en dat hij weigerde nadere vragen te beantwoorden. De staatssecretaris baseerde het beschermingsalternatief op actuele en betrouwbare bronnen, waaronder rapporten van internationale organisaties, en erkende de uitzonderlijke situatie in de provincies North-West en South-West.
Eiser voerde aan dat het beleid zonder ambtsbericht tot stand kwam en dat het beschermingsalternatief niet adequaat was gemotiveerd, maar de rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende inzicht had gegeven in het onderzoek en dat het beschermingsalternatief voldeed aan de wettelijke criteria. Ook de persoonlijke omstandigheden van eiser, zoals het ontbreken van contact met familie, gaven geen aanleiding tot een ander oordeel.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris terecht de asielaanvraag had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege het bestaan van een binnenlands beschermingsalternatief.