ECLI:NL:RBDHA:2024:4588
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-overdracht aan Frankrijk
De rechtbank Den Haag heeft op 2 april 2024 het beroep van eiser tegen het besluit van 26 februari 2024 behandeld, waarbij de staatssecretaris de asielaanvraag van eiser niet in behandeling nam omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
Eiser stelde dat het terugnameverzoek onzorgvuldig was en dat het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd. Ook voerde hij aan dat overdracht aan Frankrijk zou leiden tot een reëel risico op schending van zijn rechten vanwege tekortkomingen in de opvang. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris het terugnameverzoek terecht baseerde op een Eurodac-hit en dat het persoonlijk onderhoud met eiser correct was gehouden.
De motivering van het besluit was volgens de rechtbank zorgvuldig en voldoende, waarbij de staatssecretaris ook de individuele omstandigheden van eiser heeft betrokken. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, omdat Frankrijk garanties heeft gegeven de asielprocedure conform Europese normen te behandelen. Het aangevoerde rapport over opvangtekorten in Frankrijk volstaat niet om een reëel risico aan te tonen.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.