ECLI:NL:RBDHA:2024:4689
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek overbrenging uit Afghanistan wegens niet-vallen binnen beleidsgroepen
Eiser verzocht om overbrenging naar Nederland vanuit Afghanistan vanwege zijn werkzaamheden als bewaker voor een ngo tussen 2002 en 2005. Verweerder wees het verzoek af omdat eiser niet viel onder de groepen genoemd in de Kamerbrief van 11 oktober 2021, die een speciale voorziening treffen voor mensen met recente en zichtbare werkzaamheden voor Nederlandse projecten of Defensie.
Eiser voerde aan dat de afwijzing onzorgvuldig was, dat het onderscheid tussen opgeroepen en niet-opgeroepen personen willekeurig is en dat hij onder de motie Belhaj valt. De rechtbank oordeelde dat de motie gekoppeld was aan de evacuatiefase die op 26 augustus 2021 eindigde en dat eiser niet was opgeroepen, waardoor hij geen rechten aan de motie kan ontlenen.
De rechtbank bevestigde dat het kabinet beleidsvrijheid heeft om groepen af te bakenen en dat het criterium van recente werkzaamheden en financiering door de BZ/BHOS-begroting een navolgbare reden is. Eiser viel niet binnen deze criteria en er was geen strijd met het gelijkheids- of evenredigheidsbeginsel. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde eveneens.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bepaalde dat verweerder niet hoeft over te brengen. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot overbrenging is ongegrond verklaard.