ECLI:NL:RBDHA:2024:485
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinterugwijzing naar Duitsland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag op grond van de Dublinverordening.
Eiser betoogt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet mag gelden vanwege tekortkomingen in het Duitse asiel- en opvangsysteem, waaronder slechte leefomstandigheden, gebrek aan gefinancierde rechtsbijstand, racisme en risico op indirect refoulement. Hij verwijst onder meer naar het AIDA-rapport en het Ambtsbericht Turkije 2023.
De rechtbank overweegt dat de staatssecretaris terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van structurele, zwaarwegende tekortkomingen in Duitsland die een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 EU Pro-Handvest opleveren. Ook is onvoldoende onderbouwd dat eiser geen effectieve rechtsmiddelen in Duitsland heeft.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en blijft het besluit van de staatssecretaris in stand. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.