Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Bulgarije verantwoordelijk zou zijn volgens de Dublinverordening. Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
Op 14 maart 2024 trok verzoeker zijn verzoek om een voorlopige voorziening in en verzocht vervolgens om vergoeding van de gemaakte proceskosten. De staatssecretaris wees dit verzoek af.
De voorzieningenrechter overwoog dat proceskostenveroordeling alleen mogelijk is indien het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan het verzoek om voorlopige voorziening. Omdat verzoeker het verzoek introk voordat de zitting plaatsvond en er geen voorlopige opschorting of andere tegemoetkoming was, was er geen grond voor proceskostenvergoeding.
De rechtbank heeft later het beroep ongegrond verklaard. Het intrekken van het verzoek om voorlopige voorziening vanwege het niet opschorten van rechtsgevolgen door het beroep is niet relevant voor een proceskostenveroordeling.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat geen tegemoetkoming door het bestuursorgaan heeft plaatsgevonden.