ECLI:NL:RBDHA:2024:5376
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tijdelijke bescherming Oekraïense derdelander
Verzoeker, een derdelander met tijdelijke verblijfsrecht in Oekraïne, vluchtte naar Nederland na het uitbreken van de oorlog en kreeg tijdelijke bescherming op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming. De staatssecretaris besloot dat deze bescherming per 4 maart 2024 eindigt en dat verzoeker Nederland binnen vier weken moet verlaten.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit terugkeerbesluit en vroeg gelijktijdig om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat onverwijlde spoed een voorlopige voorziening vereist en verwees naar een eerdere uitspraak waarin een vergelijkbare situatie was beoordeeld.
De voorzieningenrechter wees het verzoek toe, waardoor verzoeker voorlopig niet hoeft te vertrekken, zijn recht op opvang behoudt en in Nederland mag blijven werken. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen waardoor verzoeker voorlopig in Nederland mag blijven met behoud van tijdelijke bescherming.