ECLI:NL:RBDHA:2024:6033
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde woning wegens onjuiste vergelijkingsobjecten
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning, vastgesteld op €548.000 per 1 januari 2021. De rechtbank oordeelt dat de gebruikte vergelijkingsobjecten niet passend zijn, omdat twee panden significant verschillen in ligging en kenmerken. Een derde vergelijkingspand ondersteunt een lagere waarde dan vastgesteld.
Belanghebbende kon zijn lagere waarde van €475.000 niet onderbouwen, waardoor de rechtbank een tussenwaarde van €501.000 vaststelt. Daarnaast is er sprake van een geringe overschrijding van de redelijke termijn, maar een vergoeding voor immateriële schade wordt niet toegekend vanwege een cessie aan de gemachtigde.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, wijzigt de WOZ-waarde en de daarop gebaseerde aanslag, en veroordeelt de heffingsambtenaar tot vergoeding van proceskosten. Het hoger beroep staat open bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De WOZ-waarde wordt verlaagd van €548.000 naar €501.000 en de aanslag onroerende-zaakbelastingen wordt dienovereenkomstig verminderd.