ECLI:NL:RBDHA:2024:6187
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag op grond van interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Bulgarije
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van eiser niet-ontvankelijk te verklaren op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. De rechtbank heeft het beroep behandeld op 18 april 2024, waarbij eiser niet is verschenen.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel inhoudt dat lidstaten van de Europese Unie elkaars naleving van internationale verplichtingen, zoals het Vluchtelingenverdrag en het EVRM, vertrouwen. Hoewel de situatie voor statushouders in Bulgarije is verslechterd, is deze niet zodanig ernstig dat sprake is van verregaande materiële deprivatie zoals vereist in het arrest Ibrahim.
Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op ernstige schendingen van fundamentele rechten bij terugkeer naar Bulgarije. Zijn persoonlijke omstandigheden en verklaringen zijn niet met bewijs onderbouwd en tonen geen ernstige psychische problemen of onmogelijkheid tot vestiging. De rechtbank volgt eiser daarom niet in zijn stellingen en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.