ECLI:NL:RBDHA:2024:6306
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning medische behandeling
Eiser diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning met als doel medische behandeling, nadat hij reeds een verblijfsvergunning voor studie had. De staatssecretaris nam de aanvraag niet in behandeling omdat niet alle vereiste medische gegevens, waaronder toestemmingsverklaringen met adressen en antwoorden van de huisarts op vragen van het Bureau Medische Advisering, ontbraken.
Eiser stelde dat hij afhankelijk was van zijn artsen voor het aanleveren van de medische informatie en dat hij alle beschikbare informatie had verstrekt. De rechtbank oordeelde dat eiser zelf verantwoordelijk is voor het compleet aanleveren van het dossier en dat het ontbreken van essentiële gegevens, ondanks meerdere kansen tot aanvulling, terecht leidde tot niet in behandeling nemen.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris het besluit tot niet in behandeling nemen terecht handhaafde en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter G.J.H. Boerhof op 24 april 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag verblijfsvergunning medische behandeling terecht niet in behandeling genomen.