ECLI:NL:RBDHA:2024:660
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op bijstand wegens te lang verblijf in buitenland zonder acute noodsituatie
Eiseres ontving bijstand op grond van de Participatiewet en meldde haar vertrek naar het buitenland van 4 juli tot 31 juli 2021. Zij verbleef echter langer dan toegestaan, van 2 augustus tot en met 16 september 2021, en meldde een auto-ongeluk en ziekenhuisopname als reden voor haar vertraagde terugkeer.
Het college weigerde bijstand over deze periode omdat er geen sprake was van een acute noodsituatie, geen absoluut beletsel om tijdig terug te keren en eiseres in die periode bij familie verbleef die haar financieel ondersteunde. Eiseres betwistte dit en voerde medische verklaringen aan als bewijs van beletsel.
De rechtbank oordeelde dat de medische verklaringen geen acute noodsituatie aantonen, slechts rust voorschrijven zonder onmogelijkheid tot reizen. Ook het lenen van geld van familie en het doorlopen van vaste lasten vormen geen dringende reden voor bijstand. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de weigering van bijstand wegens te lang verblijf in het buitenland zonder acute noodsituatie is ongegrond verklaard.