ECLI:NL:RBDHA:2024:6800
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Toekenning voorlopige voorziening tijdelijke bescherming derdelander uit Oekraïne
Verzoeker, een derdelander met tijdelijke verblijfsrecht in Oekraïne die naar Nederland is gevlucht vanwege de oorlog, kreeg tijdelijke bescherming op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming. De staatssecretaris heeft aan verzoeker medegedeeld dat deze bescherming per 4 maart 2024 eindigt, waardoor verzoeker niet meer mag werken zonder vergunning en geen recht meer heeft op gemeentelijke opvang.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg gelijktijdig om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelt dat het onduidelijk is of de tijdelijke bescherming per genoemde datum is geëindigd, verwijzend naar eerdere uitspraken. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, waardoor verzoeker voorlopig de tijdelijke bescherming behoudt.
Dit betekent dat verzoeker niet hoeft te vertrekken uit Nederland, zijn recht op opvang behoudt en mag blijven werken totdat het beroep is beslist. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €875,- aan verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Verzoeker behoudt tijdelijke bescherming en mag blijven werken en verblijven totdat op het beroep is beslist.