Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 17 mei 2024 in de zaak tussen
[naam] , verzoeker,
het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Beslissing
uitspraak te ondertekenen
Rechtbank Den Haag
Verzoeker, van Libanese nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van medische behandeling, welke bij besluit van 19 april 2024 werd afgewezen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en tegen de mededeling dat zijn RVA-verstrekkingen worden beëindigd en hij de opvanglocatie dient te verlaten.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de mededeling van de beëindiging van de verstrekkingen geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht vormt, maar voortvloeit uit een eerder terugkeerbesluit uit 2021. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk. Tevens is geen sprake van een acute medische noodsituatie die opvang zou rechtvaardigen, ondanks de medische aandoeningen van verzoeker.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en veroordeelt partijen niet in de proceskosten. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een besluit en acute medische noodsituatie.